‘Wat vandaag afval is, kan morgen een waardevolle grondstof zijn’

Veel bedrijven zien hun reststromen vooral als iets waar ze vanaf moeten. Maar wat als die materialen juist economische waarde hebben? Volgens Martijn Agterhuis van HKS The Metal Company liggen er volop kansen voor ondernemers die anders naar hun afval kijken. Van het terugwinnen van waardevolle metalen tot het verminderen van de afhankelijkheid van grondstoffen uit het buitenland. Tijdens de Collegetour Circulariteit op 18 november vertelt hij hoe circulariteit in de praktijk werkt en waarom bedrijven daar nu al mee aan de slag moeten.

Van afval naar waardevolle grondstoffen

Bij HKS is circulariteit geen nieuw initiatief, maar de basis van het bedrijfsmodel. Het bedrijf verwerkt afgedankte metalen, elektronische apparaten en batterijen en zorgt ervoor dat waardevolle materialen opnieuw als grondstof kunnen worden gebruikt. Daarmee krijgen materialen een tweede leven en zijn er minder nieuwe grondstoffen nodig.

“Circulariteit vormt de kern van ons bedrijfsmodel. We zorgen ervoor dat afgedankte materialen niet als afval eindigen, maar opnieuw beschikbaar komen als hoogwaardige grondstoffen voor de industrie”, vertelt Martijn.

Toch merkt hij dat veel bedrijven nog anders naar hun reststromen kijken. Wat overblijft na een productieproces wordt vaak gezien als afval en daarmee als kostenpost. Terwijl juist die materialen waarde kunnen vertegenwoordigen.

Denk aan metalen zoals koper en aluminium. Door goed te kijken welke materialen vrijkomen en wat ermee gebeurt, kunnen bedrijven nieuwe mogelijkheden ontdekken voor hergebruik of recycling.

Weet jij waar jouw materialen terechtkomen?

Volgens Martijn is het belangrijk om verder te kijken dan alleen de inzameling van afval. Want wat gebeurt er eigenlijk met de materialen nadat ze je bedrijf verlaten? Een reststroom kan worden ingezameld en verwerkt, maar dat betekent niet automatisch dat de materialen ook weer als hoogwaardige grondstof worden ingezet.

Daarom adviseert hij ondernemers om te zoeken naar verwerkers die de hele keten inzichtelijk kunnen maken en ervoor zorgen dat materialen daadwerkelijk opnieuw worden gebruikt. Kortere ketens kunnen daarbij voordelen bieden. Ze maken het makkelijker om de kwaliteit van materialen te behouden, de herkomst te volgen en meer economische waarde uit reststromen te halen.

Martijn geeft een aansprekend voorbeeld: “Hoe mooi is het als je weet dat jouw reststroom aluminium uiteindelijk terechtkomt in een nieuwe Mercedes?”

Het laat zien dat afval niet het eindpunt hoeft te zijn. Het kan juist het begin vormen van een nieuw product.

Waarom circulariteit steeds belangrijker wordt

De noodzaak om slimmer met grondstoffen om te gaan neemt toe. Materialen worden schaarser, prijzen kunnen stijgen en de beschikbaarheid van grondstoffen is steeds vaker afhankelijk van internationale ontwikkelingen.

Volgens Martijn doen bedrijven er daarom verstandig aan om nu al na te denken over hun materiaalgebruik. “Ondernemers die vandaag investeren in circulariteit, vergroten hun weerbaarheid tegen toekomstige grondstoftekorten en prijsstijgingen.”

Maar circulariteit vraagt om meer dan alleen goed recyclen. Ook de herkomst van nieuwe materialen speelt een belangrijke rol.

Martijn pleit ervoor om meer grondstoffen binnen Europa in te kopen en gerecyclede materialen opnieuw in Europese producten te verwerken. Daarmee ontstaat ook meer vraag naar grondstoffen die hier worden teruggewonnen.

“Circulariteit kan alleen werken als de hele keten meedoet.” Daar ligt volgens hem een belangrijke uitdaging. Zolang bedrijven nieuwe grondstoffen van buiten Europa blijven inkopen zonder gebruik te maken van lokaal beschikbare gerecyclede materialen, blijft het lastig om een volledig circulaire keten op te bouwen.

Recycling wordt steeds complexer

Tegelijkertijd is het terugwinnen van materialen niet altijd eenvoudig. Producten bestaan steeds vaker uit verschillende materialen en elektronische onderdelen die moeilijk van elkaar te scheiden zijn. Denk bijvoorbeeld aan meubels met ingebouwde USB-oplaadpunten of kleding met verwarmingselementen. Die ontwikkeling maakt recycling ingewikkelder. Het vraagt om nieuwe technieken, maar ook om samenwerking tussen producenten, inzamelaars en verwerkers.

Daarnaast speelt de prijs een belangrijke rol. Gerecyclede materialen moeten concurreren met nieuwe grondstoffen. Als die goedkoper zijn, is de keuze voor hergebruik niet altijd vanzelfsprekend.

Juist daarom is samenwerking in de hele keten volgens Martijn onmisbaar. Alleen als bedrijven samen verantwoordelijkheid nemen voor hun materialen, kunnen circulaire oplossingen op grotere schaal werken.

‘Circulariteit is geen toekomstbeeld, maar dagelijkse praktijk’

Tijdens de Collegetour Circulariteit op 18 november deelt Martijn zijn ervaringen vanuit HKS. Hij hoopt vooral dat ondernemers met een andere blik naar hun eigen materiaalstromen gaan kijken. “Metaal- en elektronicareststromen mogen geen bijzaak meer zijn. Circulariteit is geen toekomstbeeld, maar dagelijkse praktijk.”

Zijn boodschap aan ondernemers is helder: kijk eens kritisch naar de materialen die je bedrijf verlaten. Welke waarde zit daar nog in? Waar komen ze terecht? En zijn er mogelijkheden om ze opnieuw te gebruiken of hoogwaardiger te laten verwerken? Want wie zijn reststromen beter leert kennen, ontdekt mogelijk niet alleen kansen om duurzamer te werken, maar ook om kosten te verlagen en meer waarde uit materialen te halen.

Ontdek de kansen tijdens de Collegetour Circulariteit

Hoe maak je van circulair ondernemen een verdienmodel? Op woensdag 18 november 2026 organiseert RIVU vanuit Grote Oogst de Collegetour Circulariteit.

Onder leiding van Guido Braam gaan ondernemers met elkaar in gesprek over de kansen en uitdagingen van circulaire businessmodellen. Met praktijkvoorbeelden van onder andere HKS/Mirec, HTC Parking & Security en InduSym.

Schijf je in

Martijn Agterhuis van HKS The Metal Company

Meer nieuws 

Pilot toont grote besparingskansen op de Bossche bedrijventerreinen Rietvelden, Vutter en Ertveld

17 april 2026|

Energiebesparing staat bij veel ondernemers inmiddels hoog op de agenda. Niet alleen vanwege de energiekosten, maar ook door netcongestie, toenemende druk op het elektriciteitsnet en strengere wet- en regelgeving. Tegelijk blijkt het in de praktijk vaak lastig om te bepalen waar je begint en welke maatregelen echt prioriteit hebben. Een recent onderzoek op de Bossche bedrijventerreinen Rietvelden, Vutter en Ertveld laat zien dat er nog veel winst te behalen is. Zestien bedrijven lieten via Klimaatroute een scan uitvoeren. Daaruit blijkt dat zij samen nog ongeveer 27 procent op elektriciteit en 30 procent op gas kunnen besparen. Dat komt neer op een

Afvalinzamelroute levert opnieuw CO2-besparing op in Den Bosch

16 april 2026|

Afvalinzamelroutes blijven concrete resultaten opleveren op de Bossche bedrijventerreinen. Tijdens de gezamenlijke inzamelroute van 30 maart werd 1.600 kilogram elektronica opgehaald, goed voor een besparing van 4.720 kilogram CO2. Daarnaast is 2.625 kilogram pallets ingezameld, wat nog eens 1.985 kilogram CO2-besparing oplevert. Daarmee komt de totale besparing van deze ronde uit op 6.705 kilogram CO2. Een vergelijking met de eerdere inzamelronde van 4 februari laat zien dat de opbrengst per ronde kan verschillen. In februari werd in totaal 9.190 kilogram CO2 bespaard, vooral door de grote hoeveelheid ingezamelde elektronica. In maart lag de totale CO2-besparing lager, maar werd juist meer totaal materiaal ingezameld.

Update local energy hub: inzicht in netburen is de volgende stap

13 april 2026|

Het elektriciteitsnet zit vol. Dat merken ook ondernemers op de Bossche bedrijventerreinen. Uitbreiden, verduurzamen of extra vermogen aanvragen is niet meer vanzelfsprekend. Juist daarom verkennen we binnen Grote Oogst de mogelijkheden van een local energy hub op Rietvelden, Vutter en Ertveld. Een energy hub is in de kern een samenwerking tussen bedrijven die hun opwek, verbruik en opslag van energie beter op elkaar afstemmen. Daarmee kun je beschikbare netcapaciteit slimmer benutten en lokaal meer ruimte creëren. De afgelopen periode is onderzocht hoe die samenwerking er in Den Bosch uit zou kunnen zien. Daarbij is gekeken naar energiedata, verbruiksprofielen en de

In gesprek met Rita de Graauw, Coöperatief Directeur Midden-Brabant bij Rabobank

13 april 2026|

Klimaatverandering wordt nog vaak benaderd als een duurzaamheidsvraag-stuk. Maar volgens Rita de Graauw, Coöperatief Directeur Midden-Brabant bij Rabobank, is dat beeld te beperkt. Klimaatrisico’s raken namelijk ook de waarde, financierbaarheid en verzekerbaarheid van vastgoed. Juist daarom is het volgens haar belangrijk dat ondernemers en vastgoedeigenaren zich daar nu al in verdiepen. In aanloop naar de Collegetour over klimaatrisico’s en vastgoed deelt Rita haar blik op dit vraagstuk. Vanuit Rabobank kijkt zij niet alleen naar maatschappelijke ontwikkelingen, maar ook naar de financiële gevolgen ervan voor bedrijven, panden en bedrijventerreinen. Risico Vanuit haar rol kijkt Rita dagelijks naar grote maatschappelijke transities, waaronder

Ga naar de bovenkant